Een stevig fundament voor taal en spelling
Pit
Als leerkracht wil je al je leerlingen de kans geven op een fijne toekomst. Daarvoor wil je ze állemaal de vereiste basiskennis en -vaardigheden meegeven.
Hoe slaag je hierin? Met Pit, de taal- en spellingmethode voor groep 4 tot en met 8, leg je een sterke basis bij ál je leerlingen!
Het Pit-principe
De methode werkt volgens het Pit-principe: leerlingen leren planmatig en interactief, er is veel aandacht voor transfer. Door deze drie elementen worden leerlingen functioneel taalvaardig: ze ontwikkelen de taalskills die nodig zijn om zich te redden in de maatschappij.
Brug naar de maatschappij
De transfer beperkt zich niet tot de methode; leerlingen passen dus niet alleen de kennis en vaardigheden uit de ene leerlijn (bijvoorbeeld uit Taal verkennen) toe in een andere leerlijn (bijvoorbeeld in Schrijven). Juist externe transfer is cruciaal en krijgt veel aandacht binnen Pit. Hierbij gaat het om toepassing buiten de methode, zowel in andere schoolvakken als buiten de schoolomgeving. Dankzij deze brug naar de maatschappij zien leerlingen waaróm ze bepaalde vaardigheden leren; wat ze eraan hebben – in hun huidige leven en in de toekomst, in het onderwijs en daarbuiten. Pit maakt ze bewust van deze toepassingsmogelijkheden. En dat versterkt hun leermotivatie.
Het ‘’waarom’’ centraal
Pit leert kinderen hoe ze goed kunnen communiceren, maar ook waaróm ze leren wat ze leren. Met Pit laat je kinderen begrijpen waarom ze iets leren. Drie voorbeelden:
• Waarom leer je grammaticale termen, zoals onderwerp en persoonsvorm? Onder andere omdat je die kennis nodig hebt om een vreemde taal te leren – op de middelbare school en wellicht ook later voor je werk.
• Waarom leer je gespreksregels te gebruiken, zoals ‘wees niet alleen zelf aan het woord’ en ‘kijk de ander aan tijdens het gesprek’? Onder meer omdat je zo beter kunt samenwerken. En samenwerking helpt je in je opleiding en werk.
• Waarom leer je foutloos te spellen? Bijvoorbeeld omdat je anders misschien een slechte indruk maakt met een liefdes- of sollicitatiebrief. (En omdat de spellingschecker op je computer niet alle spelfouten opmerkt!)
Het ‘’hoe’’ uitgelegd
Met Pit leren kinderen voor de uitvoering van elk type taaltaak een meerstappenstrategie. Daarbij schetst de methode levensechte communicatieve situaties en maakt ze duidelijk wanneer leerlingen de strategieën in hun dagelijks leven kunnen toepassen. Nadat leerlingen taaltaken hebben geoefend, evalueren ze hun aanpak met hun leerkracht. Op die manier komen ze er bijvoorbeeld achter hoe ze een goede brief kunnen schrijven of hoe ze stapsgewijs de betekenis van een onbekend woord kunnen achterhalen. Die leerskills zijn essentieel voor nu én de toekomst.
Sterke woordenschatlijn
Met een zwakke woordenschat kunnen leerlingen lesstof niet begrijpen en onvoldoende in de maatschappij functioneren. Daarom bevat Pit een supersterke leerlijn Woordenschat. Leerlingen leren niet alleen circa zeshonderd nieuwe woorden per leerjaar, maar ook hoe ze zelfstandig de betekenis van onbekende woorden kunnen achterhalen. Hiermee stimuleert Pit een positieve woordleerattitude. Belangrijk, omdat leerlingen in hun latere leven nog duizenden nieuwe woorden zelfstandig moeten leren!